Verwarm de oven voor op 165 °C (hete lucht). Breek de melkchocolade in stukjes. Doe met de boter en crème fraîche in een vuurvaste kom en laat in een pan kokend water smelten (au bain-marie). De kom mag het water niet raken. Haal de kom uit de pan, roer met een garde en laat afkoelen tot lauwwarm.
Bekleed ondertussen de bodem van de springvorm met bakpapier, vet de rand in met boter en bestuif met een beetje bloem. Zeef de bloem, bakpoeder, cacao en het zout in een kom en meng door elkaar. Klop in een andere kom de eieren en suiker met een garde tot een glad en luchtig mengsel. Meng het chocolademengsel met een garde door de eieren. Voeg het bloemmengsel toe en roer door tot een glad beslag.
Giet het cakebeslag in de springvorm en bak ca. 35-40 min. in het midden van de oven. Steek na 35 min. de satéprikker in het midden van de cake. Als de prikker er schoon uitkomt is de cake gaar. Laat de taart afkoelen, haal na 20 min. uit de vorm.
Maak ondertussen de ganache. Breek de pure chocolade in stukken, meng met de slagroom in een vuurvaste kom, zet op een pan kokend water en laat smelten (au bain-marie). De kom mag het water niet raken. Roer voorzichtig door met een garde, haal van het vuur en laat helemaal afkoelen. Klop de poedersuiker er met een garde door en zet eventueel even in de koelkast.
Snijd de cake horizontaal doormidden. Besmeer de onderste helft met ⅓ van de ganache. Leg de bovenste helft erop en besmeer alleen de bovenkant van de taart rijkelijk met de rest van de ganache, in mooie pieken. Bestrooi met versieing.
Cake en ganache kunnen van tevoren worden gemaakt. De taart is enkele dagen goed in de koelkast.