250 gr bloem
2 tl bakpoeder
¼ tl zout
1 ei
300 ml melk
60 gr donkere rozijnen
1 kleine appel, geschild en in blokjes
boter, om in te bakken
75 gr fijne suiker
1 tl kaneelpoeder
Doe de bloem, het bakpoeder en zout in een kom en meng deze door elkaar. Voeg het ei en de helft van de melk toe en roer alles tot een glad geheel. Voeg geleidelijk de rest van de melk toe en klop alles tot een glad beslag. Roer tot slot de rozijnen en appelstukjes door het beslag.
Verwarm een koekenpan op middelhoog vuur en smelt daar een klontje boter in. Schep drie kleine porties van het beslag in de pan, dit gaat makkelijk met bijvoorbeeld een jus- of ijslepel. Bak de drie in de pan tot ze aan de bovenkant bijna droog zijn. Keer ze met een spatel op en bak ze ook aan de andere kant goudbruin.
Meng de fijne suiker met de kaneel en strooi dit voor het serveren over de drie in de pan.