400 gram kruimige aardappels, geschild
nootmuskaat
zout, peper
40 gram water
20 gram boter
20 gram bloem
1 ei
80 gram paneermeel
40 gram geschaafde amandelen
2 takjes rozemarijn, fijngehakt
3 takjes tijm, alleen de blaadjes
2 eiwitten
Kook de aardappels in +/- 20 minuten gaar in water met zout. Giet ze af en pureer met een pureeknijper. Breng op smaak met peper, zout en nootmuskaat.
Verwarm voor het soezenbeslag het water met de boter in een pannetjes tot de boter is gesmolten en het water kookt. Voeg al roerend al het bloem in één keer toe en blijf nog 2 minuten roeren totdat het gaar is. Neem van het vuur en voeg het ei toe, blijf roeren totdat het ei is opgenomen. Roer het soezenbeslag door de puree. Maak bolletjes ter grootte van een walnoot en leg ze een uurtje in de vriezer. Rol de bolletjes nog eens goed zodat ze glad zijn. Laat tenminste 2 uur in de vriezer opstijven.
Meng het paneermeel met de amandelen, rozemarijn en rijm. Doe de eiwitten in een kommetje. Haal de balletjes door het eiwit en wentel ze door het paneermeermengsel. Herhaal nog een keer zodat ale kruiden en amandelen goed blijven plakken. Frituur de balletjes goudbruin, 3-4 minuten in 170 graden olie.