Hazelnootkoekjes

Voor 12 koekjes

1 eiwit (+/- 33 gram)
100 gram hazelnoten, gepeld
67 gram kristalsuiker
1/2 theelepel zout
eventueel +/- 40 gram chocola, grof gehakt

Verwarm de oven op 175°C en rooster de hazelnoten 13-15 minuten totdat ze goudbruin zijn. Laat ze goed afkoelen en hak ze in de keukenmachine totdat er een mengsel van fijne en grove stukjes ontstaat. Er mogen best wat grote stukken in zitten.

Klop het eiwit met het zout goed stijf en vouw dan de suiker en hazelnoten (en eventueel de chocolade) erdoor. Verdeel het beslag in 12 hoopjes op een bakblik. Laat ongeveer 15 minuten in een oven van 175°C (hete lucht) gaar worden, maar nog taai in het midden (de oorspronkelijke temperatuur was 150°C maar volgens mij heb ik het per ongeluk op 175°C gebakken, wat goed heeft uitgepakt..). 

Scones met Gerookte Zalm

 Voor 12 kleine scones of 6 grote

150 gram bloem
4,5 gram bakpoeder
1,5 theelepel venkelzaad, grof gestampt + extra
2 eetlepels verse dille
rasp van 1/2 citroen + partjes citroen
1 theelepel zout
100 ml crème fraîche + extra
62,5 ml melk + extra
100 gram warmgerookte forel, zalm of makreel

uitsteekvorm van ø4cm of ø7cm

Verwarm de oven op 200 graden (hetelucht). Voeg in een kom de bloem, bakpoeder, venkelzaad, dille, citroenrasp, het zout en wat peper. Klop in een andere kom de crème fraîche met de melk. Voeg dit toe aan de droge bestanddelen en meng alles met een mes tot een deeg. Breng over op een licht met bloem bestoven werkvlak en kneed vlug tot een glad deeg. 

Druk of rol het deeg uit tot een plak van 3cm, bestuif de vorm goed met bloem en steek er rondjes uit. Dus de restjes deeg bij elkaar en herhaal totdat het deeg op is. Leg de scones tegen elkaar op een bakplaat. Bestrijk de bovenkanten met wat melk en bestrooi met venkelzaad, zout en peper. Bak 20-25 minuten totdat ze goudbruin zijn. Laat ze afkoelen op een rooster. 

Serveer met crème fraîche, zout, peper, vis, dille en citroenpartjes. 

Citroen-Zwartebessentaart

Voor een taart voor 8-10 personen 

Voor het biscuit
8 eieren, gesplitst
140 gram fijne kristalsuiker + 20 gr extra
1 eetlepel citroensap (rasp de citroen eerst)
80 gram bloem
1/8 tl zout
fijne rasp van 1 citroen
poedersuiker om te bestuiven

Zwartebessenpuree
300 gram zwarte bessen (vers of diepvries)
60 gram fijne kristalsuiker
extra bessen voor decoratie

Bessen botercrème
85 gram golden syrup of maissiroop
120 gram fijne kristalsuiker
merg van 1/2 vanillestokje
4 eidooiers
300 gram zachte boter, in blokjes van 3 cm
100 gram van de bessenpuree

Verwarm de oven voor op 180C (geen hetelucht). Bekleed een ondiepe bakplaat van 40×32 cm met bakpapier. Klop de eidooiers met de 140 gr suiker en het citroensap op halfhoge tot hoge snelheid in ca 3 minuten tot het bleek en dik is. Zeef de bloem met het zout en vouw dit in 2 delen door het dooiermengsel. Strooi de citroenrasp erover en zet opzij. Klop in een brandschone kom de eiwitten tot zachte pieken en sprenkel de suiker erover. Blijf kloppen tot stevige pieken ontstaan. Schep 1/3 van het eiwitschuim luchtig door de dooiermassa tot alles is vermengd. Spatel dan de rest van het eiwitschuim erdoor. Stort het beslag op de beklede bakplaat en strijk glad met een kleine spatel. Bak het biscuit in ca 15 minuten gaar en lichtbruin. Haal de bakplaat uit de oven en laat deze op een taartrooster (in de bakplaat) 5 minuten afkoelen. Bestrooi dan met poedersuiker en leg er een schone theedoek overheen. Keer het geheel in 1x om en trek voorzichtig het bakpapier eraf. Rol het gebak vanaf de smalle kant, met behulp van de theedoek, op. Dit is een soort training zodat het later klaar is om op te rollen. Rol het gebak na 20 minuten (als het afgekoeld is) weer uit. En snij aan de lange kant drie repen van krap 11 cm breed. Gebruik hiervoor een pizzasnijder, dat werkt het best. Leg ze afgedekt met de theedoek opzij.

Doe de bessen met de suiker in een pan en zet op middelhoog vuur. Verwarm alles 4-5 minuten tot het fruit zachter is en de suiker is opgelost. Mix dit met de keukenmachine of staafmixer glad en giet de puree door een zeef. Meet 100 gram af voor de botercrème en laat dit volledig afkoelen voor gebruik.

Doe de golden syrup met de suiker en het vanillemerg in een middelgrote pan en zet op laag vuur totdat de suiker is opgelost. Dit is de suikersiroop. De ondertussen de eidooiers in een kom van een staande mixer en klop deze tot ze dik en een bleke citroenkleur hebben. Laat de mixer draaien terwijl je de suikersiroop controleert. Roer de siroop als alle suiker is opgelost door en zet het vuur halfhoog. Laat deze pruttelen tot er belletjes ontstaan. Beweeg de pan kort heen en weer tot er grote bellen op het oppervlak ontstaan.
Neem de pan van het vuur en giet de hete siroop langzaam in een geleidelijke stroom langs de kant van de kom bij de dooiermassa. Als alles is toegevoegd zet je de mixer op hoge snelheid en klop je het net zolang totdat de de kom aan de buitenkant niet meer warm aanvoelt. Voeg, nog steeds kloppend, blokje voor blokje de boter toe en laat de boter opnemen voor je een nieuw blokje toevoegt. Wanneer alle boter is opgenomen schraap je de wand van de kom schoon en klop je nog 1 minuut tot de botercrème glad en luchtig is. Voeg 100 gram bessenpuree toe en klop op half hoge snelheid totdat alles is vermengd.

Bestrijk elke reep van het biscuitgebak met ca 80 gram van de bessen-botercrème. Er is dan nog ca 300 gr over om de taart aan de boven- en zijkanten te bestrijken. Rol een besmeerde reep gebak op vanaf de korte kant. Leg een tweede reep gebak er tegenaan (alsof ze in 1 lange reep liggen) en rol verderop. Doe dit ook met de 3e reep biscuit. Zet de cilinder van gebak rechtop op een taartschaal of taartboard. Bestrijk de taart aan de zijkanten en bovenkant met de botercrème. Dit gaat het handigste met een spatel. Strijk mooi glad.
Doe ca 50 gram van de overgebleven bessenpuree op de bovenkant van de taart en laat deze aan de zijkanten voorzichtig naar beneden druipen. Laat de gestreepte bessentaart ca 1 uur op kamertemperatuur (of als het te warm is, in de koelkast) rusten voordat je hem aansnijdt.

* Voor een halve taart: halveer de hoeveelheden en gebruik een bakplaat van +/- 20x30 afgemeten met bakpapier. De taart was redelijk zoet. Misschien wat citroensap bij het fruit. 

Bananenschuimpjes

1 eiwit
50 gram poedersuiker
1 flinke theelepel bananenextract

Klop de eiwitten en voeg de suiker beetje bij beetje toe. Vouw als laatste de bananenextract erdoor. Spuit kleine banaantjes en laat op 125 graden (onder en bovenwarmte) 45 minuten hard worden in de oven. Laat in de oven afkoelen met de deur op een kier. 

Bramentompouce

Voor 4 tompoucen


4 plakjes bladerdeeg
1 blaadje gelatine
3 eieren
25 gram bloem
60 gram suiker
1 theelepel vanille
zout
250 ml melk
25 gram boter
200 gram bramen (ongeveer 14 stuks)
50 gram poedersuiker (misschien iets meer)
150 ml slagroom
1 eetlepel suiker

Verwarm de oven op 175 graden (hete lucht). Snijd de plakjes bladerdeeg doormidden en prik met een vorm veel gaatjes in het deeg. Leg op een met bakpapier bekleedde bakplaat, bedek met nog een vel bakpapier en leg een bakplaat hierop. Zet 15 minuten in de oven. Haal de bakplaat van het bladerdeeg en laat nog 5-10 minuten bruin worden. Zet eventueel iets hoger. 

Week de gelatine in koud water. Kluts de eieren met de bloem, de suiker en een snufje zout tot een licht schuim. Breng de melk met de vanille aan de kook en schenk hem al roerend in een dun straaltje bij het eimengsel. Plaats het mengsel op laag vuur en kook het mengsel tot een dikke custard. Neem de pan van het vuur. Knijp de gelatine uit. Roer de gelatine en de boter in stukjes door de custard en laat de crème afgedekt afkoelen.

Maak de bramen schoon. Wrijf ca. 4 bramen door een zeef en vang het sap op. Voeg het sap geleidelijk toe aan de poedersuiker en roer tot een dik glazuur. Bestrijk de helft van de bladerdeegplakjes met het glazuur.

Klop de slagroom met de suiker en doe in een spuitzak met gladde mond. Klop de crème goed op en doe de afgekoelde crème in de spuitzak en en spuit met een golvende beweging wat crème op een plakje bladerdeeg. Leg er de geglazuurde plakjes bladerdeeg bovenop. Versier met de overige bramen.

Ahorn-Perentaart

 Voor een taart van ø23cm


2 eieren
110 gram suiker
30 gram donkerbruine basterdsuiker
30 gram bloem
1/2 citroen, rasp en sap
1 theelepel vanille
125 ml zure room
25 gram boter, gesmolten
1 grote peer, in 2mm plakjes
2 eetlepel poedersuiker
4 eetlepels ahornsiroop

Deeg
150 gram volkorenmeel
100 gram koude boter, in blokjes
55 gram lichtbruine suiker
2 eidooiers

Doe voor het deeg het volkorenmeel met de boter, basterdsuiker en een snuf zout in de mengkom van de keukenmachine en mix totdat het fijn kruimelig is. Mix met de pulsknop de eidooiers erdoor tot je een samenhangend mengsel krijgt. Vorm een bal en leg afgedekt met gladfolie 1 uur in de koelkast. 

Verwarm de oven op 200 graden. Bekleed de taartvorm met bakpapier. Rol het deeg uit tot 3mm dikte en bekleed de taartvorm. Snijd netjes af en laat 30 minuten in de koelkast rusten. Vul met steunvulling en bak 15 minuten in de oven. Hala de vulling eruit en laat nog 10-12 minuten in de oven bakken. Laat volledig afkoelen en zet de oven op 160 graden. 

Klop intussen de eieren, beide soorten suiker, bloem, citroenrasp en -sap en de vanille tot een glad mengsel. Voeg de zure room toe, samen met 80 ml water en de boter. Schenk in de bodem. Verdeel de perenplakjes over de taart en bestrooi met poedersuiker. Bak 40-45 minuten in de oven tot de vulling is gestold, maar in het midden nog wat wiebelig. Laat afkoelen tot kamertemperatuur en daarna door en door koud worden in de koelkast. 

Schenk de ahornsiroop in de steelpan en laat op hoog vuur in 2 minuten inkoken. Schenk over de taart. Laat afkoelen. 

Appelkruidkoek met Pecannoten

 
Voor een cakeblik van 1,5 liter

150 gram ongezouten boter
150 gram bruine basterdsuiker
150 gram golden syrup
200 ml melk
250 gram bloem
1 tl kaneel
1 tl gemberpoeder
1,5 theelepel bakpoeder
2 eieren, losgeroerd
75 gram pecannoten, grof gehakt
8 stukjes gekonfijte gember, fijngehakt
2 friszure appels, in blokjes


Verwarm de oven op 180 graden. Vet een cakevorm van 1,5 liter in en bekleed met bakpapier. Smelt de boter, suiker en stroop in een steelpan op matig tot laag vuur en roer glad. Roer de melk erdoor en laat afkoelen. 

Zeef de bloem met de kaneel, gemberpoeder en bakpoeder boven een kom. Maak een kuiltje in het midden en schenk hier het afgekoelde melkmengsel in. Meng dit met een garde. Spatel de eiren, pecannoten, gember en appel erdoor. 

Schep het beslag in de bakvorm en ban de kruidkoek 6-70 minuten of tot een in het midden ingestoken satépen er schoon uitkomt. Laat 5 minuten afkoelen in de bakvorm en stort de kruidkoek voorzichtig op een rooster. 

Zebrakoekjes

 Voor 24 koekjes

200 gram ongezouten roomboter (op kamertemperatuur)
100 gram fijne kristalsuiker
1 theelepel vanille-extract
50 gram poedersuiker
285 gram patentbloem
1 theelepel zout
35 gram cacaopoeder
100 gram ruwe rietsuiker
1 middelgroot ei




Doe de boter, kristalsuiker en het vanille-extract in een kom en mix met een handmixer op hoge snelheid in 5 min. tot een luchtig mengsel dat licht van kleur is. Zeef de poedersuiker en voeg met 260 g bloem en het zout toe aan het botermengsel. Meng tot een luchtig deeg.

Zeef de cacao. Weeg 310 g deeg af in een aparte kom en voeg daar de cacao aan toe. Kneed tot een egaal cacaodeeg. Voeg de rest van de bloem toe aan het achtergebleven deeg en kneed tot een egaal vanilledeeg.
Vorm van het cacaodeeg losjes met je handen 2 rechthoekige plakken van ca. 5 cm breed en ca. 24 cm lang. Leg een plak cacaodeeg in de lengte op een vel vershoudfolie van 40 cm lang. Verdeel daar de helft van het vanilledeeg over. Leg hier de andere plak cacaodeeg op en verdeel daar, zonder te veel druk uit te oefenen, de rest van het vanilledeeg over.

Vouw de vershoudfolie strak om het deeg en knijp het deeg met je handen aan elkaar tot een worst. Rol tot een egale worst met enigszins rechte uiteinden van Ø 5 cm en 24 cm lang. Leg 2 uur in de koelkast om te laten opstijven. Eventueel even in de vriezer.

Verwarm de oven voor op 175 °C. Verwijder de folie en halveer het stuk deeg. Doe de rietsuiker in een diep bord. Klop het ei los en smeer met de bakkwast een dun laagje ei over de lange kanten van 1 stuk deeg. Druk het stuk met de lange kanten stevig in de rietsuiker, zodat er een suikerlaag op komt. Herhaal met het andere stuk deeg. Je houdt wat rietsuiker over. Snijd beide stukken deeg in plakjes van 1 cm. Verdeel over de met bakpapier beklede bakplaten en bak in het midden van de oven in ca. 14 min. gaar. 

Laat de zebrakoekjes 5 min. op de bakplaten afkoelen. Haal dan met bakpapier en al van de bakplaten en leg op een rooster. Laat nog 15 min. afkoelen.

Chocoladetulband

Voor een tulband van 2,4 liter


paneermeel
150 gram frambozen (nodig?)
340 gram suiker
300 gram boter, op kamertemperatuur
1,5 theelepel vanille
6 eieren
300 gram bloem
2,5 theelepel bakpoeder
40 gram cacaopoeder
75 gram pure chocolade

Verwarm de oven voor op 160°. Bestuif de ingevette vorm met paneermeel en klop het overtollige paneermeel eruit. Doe de frambozen in een steelpan en breng al roerend aan de kook. Laat de frambozen 3-5 min. koken en roer regelmatig door. Haal van het vuur en zeef de frambozen, om de pitjes eruit te halen. Weeg 85 g van de ingekookte moes af en zet deze opzij tot later.

Doe 300 g suiker, boter, het vanille-extract en ¼ tl zout in een kom en klop deze in een paar minuten tot romig. Voeg de eieren een voor een toe en klop het mengsel na elk ei goed door. Spatel tot slot de bloem en het bak- poeder erdoor. Schep de helft van het beslag in een andere kom. Meng de rest van de suiker en het cacaopoeder door de frambozenmoes. Spatel dit samen met de gehakte chocolade door de helft van het beslag. Vul de tulbandvorm om en om met 1 el van beide soorten beslag. Ga op het laatst met een vork door het beslag om voor het marmereffect.

Bak de tulband in 60-75 min. gaar. Prik aan het eind van de baktijd met een prikker in de tulband om te controleren of hij gaar is. Als er geen beslag meer aan de prikker meekomt, is de tulband gaar.

Laat hem 5 min. in de vorm afkoelen en stort hem op een rooster. Laat de tulband helemaal afkoelen.

Bestuif de tulband voor het serveren licht met poedersuiker.

*** Teveel chocoladecake. Misschien 1/3 van het beslag met minder cacao en chocolade? ***

Bananeneclairs

 Voor 4 eclairs of +/- 20 soesjes


Voor de soezen
50 ml melk
50 ml water
1 gram zout
1 gram suiker
45 gram boter
55 gram bloem
100 gram ei
1 ei

Laat de melk, water, zout, suiker en boter aan de kook komen. Meng van het vuur af de bloem er doorheen. Druk plat en zet terug op het vuur. Verwarm totdat het knettert en licht aanzet. Zet het vuur uit en meng het deeg totdat het meeste waterdamp weg is. Meng één voor één de eieren door het deeg totdat het allemaal opgenomen is. 

Doe het deeg in een spuitzak met een spuitmondje van 17/20mmø. Spuit 6 dikke soezen van 14 cm en bestrijk met ei. Verwarm de oven op 230 maar verlaag naar 170 zodra je de soezen erin zet. Doe na 20 minuten de oven snel open om de stoom te laten ontsnappen. Zet dan nog 15-20 minuten in de oven. Doe direct op een rooster. 

Voor de banketbakkersroom
50 gram eidooier
60 gram suiker
25 gram maizena
250 ml volle melk
25 gram boter
1/2 theelepel vanille
1 theelepel bananenmoes

Klop het ei met de suiker bleek en schuimig en voeg de maizena toe. Doe de melk met vanille in de pan en breng aan de kook. Doe de helft bij de eiren en giet het mengsel dan terug in de pan. Laat +/- 2 minuten koken. Zet het vuur uit en meng de boter erdoor. Laat afkoelen in de koelkast. Klop voor gebruik goed op en meng met de bananenmoes. Doe in de spuitzak met een groot, glad spuitmondje. 

Klop +/- 250 ml slagroom met een eetlepel suiker stijf. Meng 3 eetlepels poedersuiker met een druppel water en 1/2 theelepel bananenmoes tot een glazuur. Kleur eventueel met kleurstof geel. 

Snijd de soezen open. Spuit de banketbakkersoom op de onderkant. Spuit daarna de slagroom erop en beleg met plakjes banaan. Bestrijk de bovenkant met de glazuur en leg op elkaar. 


⚙ Beheer